Ik ben Jurgen Houwers en ik speel de “Tiedstrieker” in Bargen vol Leefde.
In het verleden heb ik wel eens meegewerkt aan producties van Mélange; ik zat dan in het orkest als violist. Dat was altijd een feestje.
Ook in Bargen vol Leefde speel ik weer viool.
En ik ben dus ook de “Tiedstrieker”, een vrij cruciaal en magisch figuur in de voorstelling. Ik had vooraf gezegd dat ik het niet erg zou vinden om naast het vioolspelen “een paar regeltjes tekst” te hebben. Maar dit is dus serieus Een Rol. En ik ben geen acteur, dus dat is best een uitdaging.
Gelukkig krijg ik goede regieaanwijzingen.
Ook qua viool was het even zoeken in het begin. De laatste jaren ben ik vooral in de folkrock terecht gekomen met een elektrische viool met een paar uitgesproken effectpedalen. In dat genre ervaar ik volledige muzikale vrijheid en ik weet gewoon precies wat ik wel en niet moet spelen in een band om bij te dragen aan een goede sound. Deze voorstelling is weer helemaal akoestisch, dus ik moest wel weer even het wiel uitvinden voor mezelf. Daar kwam als extra druk nog eens bij dat de andere spelers stuk voor stuk muzikaal zeer ontwikkeld zijn; de lat ligt best hoog om er iets goeds van te maken.
De vrijheid om het ook muzikaal persoonlijk in te vullen is wel aanwezig bij deze voorstelling en het wordt allemaal steeds duidelijker, mede dankzij het personage dat ik speel. Ik loop rond met een fijn licht viooltje en ik heb wat percussie-instrumenten die het helemaal af gaan maken.
Oh ja, het is allemaal in het Twents. Ik ben als etnische superboer opgegroeid aan de Twentse rand van de Achterhoek en heb zelf nooit ‘plat’ gepraat. Het staat niet heel ver van mij af, ik begrijp de rijkdom ervan, maar ik heb me er zelf nooit aan gewaagd. In deze voorstelling voel ik mij steeds vrijer worden in het Twents, mede doordat er geen echte Twentse ‘taalpolitie’ aanwezig is bij de repetities. Wat ik tot slot heel mooi vind is dat de streektaal een poëtische en magische draai geeft aan het stuk.